Hoewel veel werkgevers ervoor open staan een Wajonger in dienst te nemen, lopen zij tegen praktische knelpunten aan. Om meer jonggehandicapten aan het werk te krijgen moeten werkgevers op een eenvoudiger manier gebruik kunnen maken van de voorzieningen die worden aangeboden. Dit schrijft de Raad voor Werk en Inkomen in het advies ‘Kansrijker werken met Wajongers’, dat maandag 12 oktober is aangeboden aan minister Donner. De RWI doet daarin concrete voorstellen om de uitvoering te vereenvoudigen en te verbeteren. Op dit moment heeft slechts een kwart van alle Wajongers werk en zien werkgevers niet altijd mogelijkheden om Wajongers binnen een organisatie in te zetten. Het advies richt zich ook op het beter in beeld brengen van de kwaliteiten en competenties van Wajongers, zodat meer werkgevers een Wajonger een arbeidsplek kunnen bieden.
Met de invoering van de nieuwe Wet Wajong per 1 januari 2010 worden jonggehandicapten nadrukkelijk aangesproken op hun mogelijkheden en gestimuleerd zichzelf verder te ontwikkelen door opleiding en werkervaring. Hierdoor zal het beschikbare arbeidsaanbod van Wajongers stijgen. Om deze Wajongers daadwerkelijk een baan te kunnen bieden moeten bestaande belemmeringen voor werkgevers zoveel mogelijk worden aangepakt.
Bij het aannemen van een Wajonger kunnen werkgevers gebruik maken van een aantal instrumenten, zoals loondispensatie, premiekorting, begeleiding op de werkvloer en vergoeding van werkplekaanpassingen.
De RWI stelt in zijn advies voor om te onderzoeken of loondispensatie voor de werkgever even aantrekkelijk is als loonkostensubsidie, een instrument dat momenteel voor andere doelgroepen wordt gehanteerd. Bij loondispensatie hoeft een werkgever de Wajonger niet meer loon te betalen dan de vastgestelde productiviteit die wordt geleverd. Het ontbrekende restant wordt vervolgens door UWV aangevuld. De RWI ziet de plannen van staatssecretaris Klijnsma voor een pilot waarin met loondispensatie wordt gewerkt in het kader van de toekomst van de WSW als een kans om de voor- en nadelen van loondispensatie en loonkostensubsidie in kaart te brengen.
Ook andere, praktische knelpunten rondom de huidige uitvoering zijn een belemmering voor werkgevers. De aanvraag van de diverse instrumenten is vaak complex en ondoorzichtig. Er worden verschillende procedures gehanteerd en sommige instrumenten moeten afzonderlijk van elkaar worden aangevraagd wat de administratieve lasten voor werkgevers verhoogt. Daarnaast zijn veel instrumenten tijdelijk. Werkgevers moeten dus tijdig een verlenging aanvragen, omdat zij anders voor hoge kosten kunnen komen te staan. De RWI stelt daarom voor dat het UWV één totaalpakket aan ondersteuning gaat aanbieden.
Daarnaast adviseert de RWI om het instrument premiekorting om te zetten in een subsidie, zodat kleine en grote werkgevers evenveel voordeel genieten.
In totaal zijn er op dit moment ongeveer 12.500 werkgevers die een of meer Wajongers in dienst hebben. Veel werkgevers hebben aangegeven dat zij wel een Wajonger in dienst willen nemen, maar dat het aanbod van Wajongers te beperkt is. Op lokaal/ regionaal niveau zijn Wajongers die in aanmerking kunnen komen voor een aangeboden functie moeilijk te vinden of is het onduidelijk voor welke functies zij in aanmerking zouden kunnen komen. De RWI stelt daarom voor om duidelijk in kaart te brengen over welke competenties Wajongers beschikken.
De RWI zal in een vervolgtraject onderzoeken of de cultuur en acceptatie op de werkvloer invloed heeft op het aannamebeleid van Wajongers.